Reclaim the seeds en Stadslandbouwfestival ER Groeit (Eetbaar Rotterdam)
Op 24 feb. was het oude zwemparadijs Tropicana, inmiddels in gebruik als  “Blue City” (circulaire voorbeeldstad, de plaats waar het allemaal gebeurde: kraampjes met biologische zaden en knollen (aardappelen, aardpeer, uitjes knoflook etc), natuurlijke geteelde bomen, peperplantjes. 
Tevens kramen waar handige technieken voor de moes- en balkontuin werden gepresenteerd.
Kramen met boeken over duurzame alternatieven voor tuin en maatschappij. Daarnaast presenteerden zich vele Rotterdamse stadslandbouwprojecten.

En lezingen. Ik heb lang niet alles gezien en gehoord, want ik ging vooral voor zaden en lezingen.

Ze waren goed voorbereid op de komst van te veel geinteresseerden in lezingen. Bij binnenkomst kon je een keuze maken voor één lezing en daarvoor kreeg je een kaartje. Je mocht er wel naar toe, als er nog ruimte was mocht je naar binnen. Ik was er tijdig en kon al mijn favoriete lezingen volgen. 

Bij het maken van dit verslag zie ik dat ik wel heel veel gemist heb nog. Ik had eigenlijk ook wel meer willen zien van de aquaponics voor thuis (groente kweken op vissenpoep)

Heb je tijd, dan raad ik je aan om hier zelf naar toe te gaan. Dat kan nog op 3 en 4 maart in Amsterdam, of 10 maart in Groningen en ook in  Leuven.

Verse kruiden verwerken

Jacqueline Stammeijer van stadsboerderij Uitjeeigenstad (eigen site: http://www.tuinvrouwteunisbloem.nl) gaf ons een handvat met de indeling van planten in lipbloemigen en schermbloemigen. Veel kruiden passen in één van deze categorieen. 
Ze had planten meegenomen en we mochten een plant uitkiezen. Haar verhaal kwam een stuk dichterbij daardoor. Mijn buurman en ik hadden bieslook, net een plant die niet binnen deze categoriëen valt.

Tips:

 

Natuurlijk plaagbeheer

Ik ben vergeten wie het verhaal vertelde. Het was het permacultuur-verhaal: zorg dat je niet hoeft in te grijpen; dat je het zover niet laat komen. Weet dat plagen een nut hebben: opruimen van de zwakke planten. (en ook zwakke dieren zijn vaak het prooi van roofdieren)
Zorg dus voor sterke planten. Denk hierbij aan:

  • zorg voor een goede bodem: met volop organisch leven: met schimmeldraden van bomen, die de bomen kunnen voeden. (leestip: het bodemvoedselweb). Een goede bodem houdt vocht vast in tijden van droogte en laat vocht door in tijden van hoosbuien. Bodemdieren zijn hierbij van grote waarde: wormen eten en verteren, maken de bodem luchtig etc. Een goede bodem voedt de planten.
    Verbeter je bodem door compost toe te voegen, door hem zoveel mogelijk met rust te laten: niet op lopen, niet schoffelen, niet spitten, houd hem bedekt met mulch zoals houtsnippers, bladafval, onkruid zonder zaad.
  • Kies planten of zaden van goede, biologische kwaliteit: 
    deze zijn niet gewend aan kunstmest, aan teveel vocht etc. Ze zijn geteeld en gekweekt om het zelf zonder veel verzorging te redden. Kweek je het zaad zelf op, wees dan ook matig met het geven van water. Niet te veel, niet te weinig. Bij het verzorgen van je plant in de volle grond, geef je ook niet te veel water.
  • Rechtstreeks in de grond zaaien versus voorkweken; voordeel van rechtstreeks in de grond zaaien is dat de planten dan sterker zijn. Van jongs af aan moeten ze zich al aanpassen.
    Dat kan niet voor alle zaden omdat het groeiseizoen bij ons te kort is. Zaai ruimschoots, maar wied dan wel de kleinere, zwakkere planten. 
    Bij voorzaaien: als ze groot genoeg zijn, hard je ze echt langzaam en gestaag af: eerst een uurtje naar buiten, de volgende dag 2 uur naar buiten en zo door. Sommigen geven de planten met de hand een zwieperd, zodat ze wennen aan wind en de stengel daar al steviger van wordt. 
  • jpjp: de Juiste Plant op de Juiste Plaats. Een tomaat in de schaduw gaat het nooit goed doen en is al snel een makkelijk prooi.
  • Observeer van welke plagen je planten last hebben en bedenk hoe je de natuurlijke vijanden daarvan in je tuin kan krijgen.
    Veel planten hebben last van naaktslakken. Dit zijn de natuurlijke vijanden:
    Vogels: Dat betekent ook: zorg dat er geen katten in de tuin kunnen komen… Zorg dat vogels te drinken hebben, te eten, schuilgelegenheid en te eten: insecten. Zorg dus ook voor de insecten: laat er zolang mogelijk in de tuin wat in bloei staan, laat in de winter uitgebloeide stengels staan; hier overwinteren de insecten.
    Egels: biedt schuilgelegenheid, maak bijvoorbeeld een takkenril
    Kikkers en salamanders: Kikkers eten slakkeneitjes. Maak een vijvertje; zorg dat er een diep deel is waardoor het water daar niet bevriest (80 cm) , anders bevriezen ze in de winter. (leestip http://www.schonevijver.nl/contents/nl/d58_kikkers-salamanders.html)
    Huisjesslakken: eten kleine slakken en slakkeneitjes. 

Krijg je toch een plaag, neem dan eventueel je maatregel en leer ervan dat de omstandigheden blijkbaar toch nog niet goed genoeg zijn en kijk wat je daar aan kan doen. NB: het kan wel 5 a 10 jaar duren voor je dit voor elkaar hebt: van een levenloze een organische bodem, een tuin waar vogels, kikkers en andere plaagbestrijders zich thuis voelen. 

Maatregelen tegen naaktslakken: zorg dat het definitief is: over de schutting gooien is dat niet.
Maak gebruik van de natuurlijke vijand van de slak, die al in zijn lichaam zit. Nematodes oftewel aaltjes. Je kan deze kweken door dode slakken in een emmer water te laten staan. Doe er een deksel op, want het stinkt behoorlijk. De nematodes gaan zich dan vermenigvuldigen. Daarna kan je deze vloeistof zeven en verdunnen en over het land sproeien. In deze hoeveelheid kunnen aaltjes de slakken van binnenuit verzwakken en zelfs doden.
Je kan slakken lokken kan met een bierval, daar verdrinken ze vaak in; of met rabarberblad of met een schil van een meloen oid: daarna wel de slakken afvoeren in compostbak of gebruiken voor je nematodenkweek.
Leestips: 
https://www.mijntuin.org/articles/slakken-in-de-tuin
http://www.velt.be/categorie/slakken (ook over nematodes kweken)

Teeltplan maken in een permacultuursysteem

Door Ragnhild Diepens. Coordinator van de Voedseltuin in Rotterdam.
Het unieke van de Voedseltuin is voor mij dat het een grote permacultuur productietuin is. Daarvan zijn er niet zoveel in Nederland. Daarnaast werkt er een heel divers team aan vrijwilligers op de tuin, wat het werk afwisselend en interessant maakt”
Sinds begin 2015 is Ragnhild werkzaam als tuincoördinator op de Voedseltuin. Naast het aansturen van de vrijwilligers, is zij verantwoordelijk voor het maken en uitvoeren van het teeltplan.

Dit vond ik echt de interessantste lezing van de dag.

Ze is een echte permaculturist, na het volgen van de permacultuur cursus bij Linder van den Heerik. 
Ze coördineert een flink team vrijwilligers en deelde wat van haar ervaringen. Zoals je bij het deel over Natuurlijk plaagbeheer al heb kunnen lezen, komt er best veel bij kijken om een permacultuurtuin te realiseren. Spitten, schoffelen, op bedden lopen is echt taboe! 

Ragnhild’s tips/ervaring:

  • Ze telen in langwerpige bedden van 1 meter breedte, zodat je overal goed bij kan. In het bed zelf smalle paadjes.
  • Het teeltplan maakt ze in Excel, waarbij ze kleuren en letters gebruikt, die terugkomen in de prints op het land zelf. Hierdoor is het voor iedereen duidelijk wat er waar moet gebeuren.
    Hieronder een excel bestand, zoals ik dat net zelf maakte naar aanleiding van haar verhaal: de maanden in de kolommen; in de rijen de letters van de bedden.
  • Bereken tevoren hoevaak je wat wilt eten. Wil je bijvoorbeeld eens per maand bieten eten, het hele jaar door? Met een klein gezin gebruik je dan 3 bieten per keer. 3x12=42 bieten. Bedenk ook vast hoe je de beten wil bewaren: inkuilen, invriezen, drogen, inmaken.
  • Per bed heeft ze 3 rijen die elk 30 cm van elkaar liggen. Aan de kopse kanten van de rijen staat soms een vaste plant, bijvoorbeeld een kruid of een meerjarige groente.

    Per bed
    Ik aapte het na en gebruikte deze zaaikalender als basis. Deze zaaikalender in excelformaat laat zien hoe lang een bepaalde teelt een bed in beslag neemt. Ik kopieerde de regels voor tuinbonen, bieten en winterpostelein. Dit zou kunnen gelden voor de achterste van de 3 rijen.
    In het geval van een noord-zuid ligging, moet je hierbij bedenken dat de achterste rij meer schaduw krijgt dan de voorste rij. In de middelste rij zet ze planten waarvan de wortels veel ruimte nodig hebben, zoals mais.
    In de voorste rij kan je dan planten zetten die veel zon nodig hebben, tevens krijgen ze beschutting door de planten erachter. 
    Maar kijk ook naar de windrichting. Combineer in één bed bij voorkeur verschillende plantenfamilies.


    Ook handig: http://www.stadsboeren.org/wp-content/uploads/2012/04/zaaikalender_stadsboeren2.pdf
    En deze waarbij ook per gewas onderaan zo’n schema staat: http://www.mooiemoestuin.nl/
    en deze met zowel maankalender, bd kalender: https://nl.rhythmofnature.net/maankalender-tuinman

  • Nog wat voorbeelden:
    achter: radijs (kool) – wortel (schermbloemig) – rode biet (amaranth)
    midden: veldsla (kamerpfoelie) – mais (grassen) – knoflook (look)
    vooraan: sla (composieten) – stambonen (vlinderbloemen)- groenbemester
  • Bij kolen past ze enigszins vruchtwisseling toe: om het jaar mogen kolen terugkeren in het bed. Met kolen worden alle planten bedoeld die horen tot de koolfamilie (kruisbloemigen en daar hoort bijvoorbeeld ook de radijs bij).
  • Voor aardappels en tomaten gebruikt ze geen vruchtwisseling. Phytophtera zit immers in de lucht. Wees er snel bij als je het herkent: verwijder de zieke bladeren. 
  • Tomaten en pepers kweken ze in de kas, ze houden van warmte. Ter wille van een grotere biodiversiteit zet ze er kruiden bij die eveneens van warmte houden. Het helpt ook dat je de kas goed doorlucht.
  • Wortels hebben een lange oogsttijd. Je kan beginnen te oogsten en op de leeggekomen plekken alvast een andere groente zetten.
  • Oogst van bovengronds groeiende gewassen, zoals snijbiet, sla ed: snijd alleen af wat je gebruikt en laat de wortels in de grond zitten. Die kunnen daar verrotten en tot compost vergaan. Wil je er een ander gewas: zaai er omheen.
  • Rond de bedden heeft ze een 40 cm hoge rand van stenen gemaakt. De bedden zijn opgehoogd met compost. De stenen rand had als  prettig bij-effect dat mensen niet meer op de bedden gingen staan. Ook is het tuinieren prettiger, mensen gaan op de rand zitten en hoeven minder diep te bukken.
  • Paadjes tussen de bedden: alleen breed waar ze er met de kruiwagen bij wil kunnen. Anders smal.
    aanvankelijk bedekten ze de bodem met houtsnippers, maar de gemeente kon die in bepaalde maanden niet aanleveren. Ze zijn toen, 2,5 jaar geleden overgestapt op tredklaver van Vreeken.  Ik weet niet of ze deze bedoelde, het lijkt erop.
    Ze knippen het nu af met een handsnoeischaar voor het in bloei gaat (en zich kan verspreiden in de bedden), het maaisel is goed te gebruiken als mulch. Ook knippen ze het weg langs de stenen rand, omdat het anders toch het bed in groeit. Voor deze klus zou een zeis ook handig kunnen zijn. Volg eventueel een cursus bij http://zeisles.nl/.
    Op een vraag uit het publiek: weegbree zou een alternatief kunnen zijn, varkensgras niet.
  • Vraag: wat doe je met onkruid? Muur laat ze lang staan: het bedekt de bodem en kan weinig kwaad. Je trekt het er zo uit. Kweekgras trekt ze wel weg, met wortel en al.
    Heermoes is lastiger: gier van heermoes helpt: het neemt de drang van heermoes weg om zijn werk te doen. Dat is mineralen naar boven halen op arme gronden. Heermoes wortelt diep en is hier prima toe in staat. Zie ook http://blog.natuurlijkemoestuin.be/heermoes-is-geen-lastig-onkruid/, met als tip: trek het uit en leg het neer op diezelfde grond.
    Onkruid in het algemeen: kijk ook hoe sterk de plant is waar het onkruid omheen groeit. Het moet de plant niet verdringen. Een beetje muur rond sla is geen probleem. Ik liet oost indische kers ook lang rond de pompoenen toe.
  • Ben je een beginnend moestuinier? Kijk het eerste jaar dan vooral goed: wat groeit er waar in de tuin, waar komt de zon, hoe voelt de grond? Maak foto’s.
  • Ze kopen biologisch plantgoed bij Jongerius. Je krijgt dan best een flinke tray, er is een minimale bestel-hoeveelheid en ook de verzendkosten zijn best hoog. Het is een tip om hier als volkstuin eens een bestelling te doen.
    Zaden kopen ze het liefst bij De Bolster vanwege de goede kwaliteit en ook omdat de Bolster grootverpakkingen levert.
  • Hoe begin je op slechte grond zoals grasland? Graaf het gras ui, leg het omgekeerd neer; karton erop in 4 lagen, zodat er echt geen licht doorheen komt. En dan compost erboven op. Dan als mulch klaverafval of onkruid zonder zaad.
  • Voedselbos in een cirkelvorm: met een doorsnee van 20 meter. Dit is niet efficient kwa ruimte, maar ziet er wel heel mooi uit. Een compromis voor de gemeente die graag wil dat het er netjes uitziet. Hier vindt binnenkort een grote boomplantdag plaats, waarbij 5000 bomen worden geplant. Alle plantgaten zijn al gemaakt.
  • links: http://www.permacultuurnederland.org/planten.phphttps://permacultuurnetwerk.eu/http://www.permacultuurfestival.eu/

Voedselbos in een notendop

Max de Korte, alias de moestuinman, vertelde een stukje geschiedenis. Hoe door klimaatverandering ten tijde van de ijstijden dieren zuidwaarts vluchtten, waar het warmer was. Dieren zorgen vaak  voor de verspreiding van gewassen door bijvoorbeeld bessen te eten en weer uit te poepen. De Alpen vormden echter een hindernis. Ze kwamen daar niet goed overheen. Daardoor zijn diverse bomen en struiken uitgestorven. Dat nadeel hebben gebieden met gebergtes die in Noord zuid richting lopen niet. Daar hebben veel meer boomsoorten de ijstijden overleefd.
Voedsel producerende bomen kunnen we dus best goed uit streken importeren die eenzelfde breedtegraad hebben als de onze. 

In voedselbos Kralingen staat bijvoorbeeld:

  • Sechuan pepper: (alias kiespijnboom): het jong blad is te eten, besjes zijn te drogen en te gebruiken als peper
  • Chinese uien boom
  • Ginseng
  • plantenlijst
  • Maar ook “gewonere soorten, zoals: hosta; jonge scheuten zijn te eten zoals asperge, roomse kervel, lindeblad (jong te eten als sla)

Een voedselbos bouw je net als een echt bos, op in lagen. Daar is wel minstens een halve hectare voor nodig. Hoe groter, hoe beter. 
In een stadstuin of volkstuin is de buitenste laag, de kruinlaag, doorgaans niet haalbaar. Maar de opbouw in lagen is verder goed toe te passen. En je kan smokkelen. Heb je geen kruinlaag, voer dan houtsnippers toe. Plaats nestkastjes voor vogels. Maak waterpartijen.

Tips:

  • Zaai het 1e jaar luzerne als je een echt slechte bodem hebt. Blijf de bodem daarna voeden met compost en houtsnippers. 
  • Zet bomen wat dichter bij elkaar en kies maar 3 a 4 lagen. Kies laagstam fruit, zo’n boom gaat maar 20 jaar mee.
  • Hanteer het STUN principe: strategic total utter neglectance van Marc Shephard: verwaarloos de plant zoveel mogelijk, zodat je de sterkte overhoudt. Als je iets niet goed weet, doe dan liever niets.
  • De juiste plant op de juiste plaats. Krenteboom wil luwte en een beetje schaduw. Hosta kan in de volle schaduw
  • Ga voor biodiversiteit.
  • Verbeter de bodem met stifstoffixeerders als zilverden, olijfwilg, den, duindoorn, acacia en ook smeerwortel
  • Snoei je het hout, dan sterven ook wortels af: goed voor de bodem (voer voor wormen, insecten)
  • Help de insecten door bomen als waardplant te kiezen. bijvoorbeeld de Vlier en door planten te kiezen uit compostie- en schermbloemige families.
The following two tabs change content below.

Karla Mulder

Enthousiast over zelf je voedsel verbouwen, permacultuur, met eigen eetbare tuin, volkstuin en boomspiegel. In 2011 begonnen met het platform Eetbaar Nijmegen.
Share This